Als category manager weet je hoe snel het mis kan gaan. Bloemen die te vroeg uitbloeien. Een partij die je moet afschrijven, omdat de houdbaarheid van hun rassen tegenvalt. En aan het eind van de maand KPI's die niet uitkomen, waardoor je weet dat je beter kunt gaan voor een partij die weet hoe je rassen creëert waar je wél op kan rekenen.
Dat heeft alles te maken met shelf life, de houdbaarheid van potplanten of snijbloemen. Houdbaarheid los je niet alleen op met betere opslag of snellere levering. Het begint veel eerder weten we bij HilverdaFlorist, namelijk bij de genetica van de plant zelf. Martin Beers, Directeur R&D bij HilverdaFlorist, legt uit hoe dat werkt en waarom het voor jou als inkoper het verschil maakt.
Martin werkt al 17 jaar voor HilverdaFlorist. Hij begon tussen de veredelaars, dacht jaren mee over gewassen en beoordelingen, en is nu Directeur Research & Development, verantwoordelijk voor de gehele veredeling en onderzoeksafdeling.
Hij kent de gewassen van binnen en van buiten en weet precies waar de risico's zitten. "Mijn rol was altijd zorgen dat veredelaars kunnen doen wat ze moeten doen. De juiste middelen, de juiste focus, de juiste doelstellingen." Inmiddels opereert hij op strategisch niveau, maar de inhoud heeft hij nooit losgelaten. Daardoor kan hij iedereen van A tot Z meenemen in de wereld van veredeling.
Het veredelingsproces duurt gemiddeld vier tot zes jaar, want kwaliteit vraagt nu eenmaal tijd. Per jaar verschuift de focus in het proces:
- Jaar 1: kruisingsplannen uitvoeren, zakjes zaden als resultaat
- Jaar 2: uitzaaien, populaties beoordelen, eerste selecties maken
- Jaar 3-4: grotere proeven met de meest veelbelovende planten
- Jaar 5-6: pre-commerciële trials bij telers, onder praktijkomstandigheden
Pas dan weet je zeker of een ras klaar is voor de markt. De kracht zit in iets wat je niet zomaar opbouwt: een grote collectie planten met veel variatie, gecombineerd met decennialange kennis van hoe die planten zich gedragen. "Als de veredelaars een kruising maken, willen ze kunnen inschatten wat ze uit de nakomelingen kunnen verwachten," zegt Martin. "Die kennis bouw je over decennia op."
Een veelgemaakte denkfout is dat het vaasleven begint bij de consument thuis wanneer de bloemen in huis worden gehaald. Dat is een te beperkt beeld, want wanneer je je richt op het maximaliseren van houdbaarheid spreek je al veel eerder over het vaasleven.
Zodra een bloem geoogst is, begint het post-harvestleven. Verpakken, transport, tussenhandel, koelcel, schap, en dan pas de vaas. Al die schakels tellen mee. En elke schakel waar kwaliteit verloren gaat, zie je terug in je uitvalcijfers. "Een bloem moet het volledige traject van oogst tot consument goed kunnen doorstaan. Pas dan begint het vaasleven écht."
Dat vermogen begint bij de genetica. Kruisingsouders met een slechte houdbaarheid worden minder ingezet, of de nakomelingen worden extra zwaar getest. Houdbaarheid zit er van het begin wél of niet in.
Elk gewas heeft zijn eigen karakter en zijn eigen kwetsbaarheden. Door per gewas te weten waar de risico’s liggen, kun je gerichter inkopen en ongewenste verrassingen na aankoop voorkomen. Een paar voorbeelden:
1. Gerbera
Gerbera's laten suikers los in het water, die een voedingsbodem vormen voor bacteriën. Die bacteriën verstoppen de steel, waardoor de bloem geen water meer opneemt en slap wordt. De ene gerbera is daar veel gevoeliger voor dan de andere, en precies daarop selecteren wij. Onze norm: minimaal 14 dagen vaasleven.
2. Anjer
De anjer is van nature een van de meest houdbare snijbloemen. Zijn kwetsbare punt is ethyleengevoeligheid. Ethyleen is een hormoon dat veroudering versnelt en zich tijdens transport ophoopt in verpakkingen, vergelijkbaar met hoe bananen ander fruit sneller laten rijpen. Waar logistieke vertragingen onvermijdelijk zijn, kan dit het verschil maken tussen een anjer in topconditie of één die al uitgebloeid aankomt. Daarom voeren wij voor elk anjer-ras een uitgebreide transportsimulatie uit. Norm: minimaal 10 dagen vaasleven na simulatie.
3. Alstroemeria
Dit gewas wordt in de knop verkocht, en die knoppen komen vrijwel altijd goed open, een betrouwbaar verkoopargument. Het voornaamste aandachtspunt is bladvergeling: hoe later dat optreedt, hoe langer het product er goed uitziet op het schap en hoe minder je weggooit.
De primaire beoordelaar is en blijft het menselijk oog. Bij de anjer wordt na de koelcelsimulatie eerst visueel op ethyleenschade beoordeeld, daarna gaat de bloem op de vaas zoals een consument dat zou doen. Bij gerbera zijn er vaste meetmomenten om bijvoorbeeld de twee dagen.
Onze rassen worden getest onder verschillende seizoenscondities, omdat uitdagingen zich juist buiten het zomerseizoen voordoen. Met volop licht levert de plant vanzelf een sterke bloem. De winter is de echte test: minder licht, moeilijkere groeiomstandigheden. Juist daarom kennen we voor jaarrondgewassen aparte zomer- en winterproeven. Een ras dat alleen in de zomer presteert, geeft jou geen grip op je jaarplanning.
We kijken ook vooruit. Cameratechnieken en AI-algoritmes onderzoeken we als aanvulling op menselijke beoordeling. "Je gaat relaties zien die je als mens er nooit zo snel uit zou halen," zegt Martin. "Je kan veel grotere datasets bekijken en dat is enorm waardevol." Daarnaast kijken we steeds meer naar het genotype van een plant: is een bepaald gen aanwezig dat ethyleengevoeligheid veroorzaakt? Dat maakt de selectie preciezer en voorspelbaarder. De technologie maakt de selectie scherper, de eindverantwoordelijkheid blijft bij de mens.
Volledig sturen op houdbaarheid levert niet altijd het meest verkoopbare ras op, weten we uit ervaring. Een teler wordt betaald per steel. Hoe meer bloemen een plant produceert, hoe interessanter het economisch is. En rassen met een hoge productie zijn soms iets minder robuust dan rassen waarbij volledig op kwaliteit is geselecteerd. Martin: "Rassen die vandaag de dag te langzaam groeien of te weinig bloemen produceren, komen economisch gewoon niet uit. Dat is de realiteit."
We zoeken dus naar rassen die zo hoog mogelijk produceren, visueel aantrekkelijk zijn én voldoen aan de kwaliteitseisen die de keten vraagt. Want een ras dat mooi bloeit maar transport en opslag niet aankan, levert jou meer uitval en minder marge op dan je had ingecalculeerd.
Een weerbare plant is bijna altijd ook een houdbare plant. Dat verband is geen toeval. We werken actief aan rassen met genetische resistentie tegen ziekten en plagen. Rassen die minder afhankelijk zijn van chemische middelen zijn ook stabieler in de keten: ze houden kwaliteit vast als een transport uitloopt of een koelcel voller staat dan gepland. Dat vertaalt zich direct in minder uitval, meer consistentie en betere voorspelbaarheid in je assortiment.
Robuuste rassen zijn niet alleen beter voor het milieu. Ze zijn ook beter voor jouw marge. En houdbaarheid verbetert nooit vanzelf. Martin is er duidelijk over: wie de selectiedruk op houdbaarheid loslaat, ziet de kwaliteit net zo hard terugzakken als ze is opgebouwd. “Dat is precies waarom we er continu aandacht aan besteden, in elke fase van het veredelingsproces,” zegt hij.
Je hoeft dit wiel niet zelf opnieuw uit te vinden. We testen uitvoerig, voeren pre-commerciële trials uit bij telers en halen feedback op uit de praktijk voordat een ras op de markt komt. Dat geeft jou de zekerheid dat wat je inkoopt ook daadwerkelijk presteert, op het schap én bij de consument thuis.
Bij HilverdaFlorist veredelen we daarmee niet alleen bloemen en planten, we bouwen aan rassen die de hele keten versterken. Van eerste kruising tot tevreden consument, ras voor ras, jaar na jaar. Dat is de belofte die wij aan onze klanten en partners doen. Wil je weten welke keuzes in jóuw specifieke situatie de juiste zijn? Ons team denkt graag met je mee over jouw assortiment en inkoopbeslissingen.